Over China : 

Zet je neer, neem een warm kopje koffie erbij en kijk met stijgende verbazing hoe ik zomaar ongevraagd alle vragen beantwoord waarmee je zit. Pure Jan Bardi !

Hoelang is het vliegen tot Hong Kong?
Die vraag wordt me steevast gesteld - blijkbaar is iedereen er ontzettend op gebrand precies te weten hoelang ik me in het luchtruim zal bevinden, waarom? Geen idee. Zelf weet ik echt niet hoeveel uren die vlucht nu precies zal duren. Lang - zoveel is zeker. Maar al die uren omgeven door glimlachende stewardessen die constant met eten en drank aangedragen komen en een LCD-scherm voor m’n neus waarop ik wat filmpjes kan kijken - het valt allemaal mee.

Ik heb het dan toch even opgezocht en het zou twaalf uur vliegen zijn tussen Londen en Hong Kong. Een busrit van twaalf uur waarbij het oude dametje naast me voortdurend in m’n oor zit te staren en bij de minste beweging van de bus over m’n sandalen braakt, terwijl ik erop moet letten dat de geit achteraan de bus uit verveling m’n rugzak niet opeet duurt heel wat langer.

Wat pak je allemaal mee? 
Meer dan gewoonlijk vanwege de diverse Chinese klimaatszones, maar ik probeer het op het allernoodzakelijkste te houden. Twee lange broeken, een jas, een sweater, een fleece, zes t-shirts, honderdtwintig onderbroeken, een handdoek, een beddenlaken, twee paar sokken, één paar schoenen, één paar sandalen, een blok zeep, busje shampoo, scheermesjes, tandpasta, tandenborstel, pleisters, anti-malaria pillen, schaar, bolletje touw, m’n fototoestel, uurwerk met alarmfunctie, kleine MagLite zaklantaarn, de Rough Guide to China, notitieboekje, schrijfgerei, klein rugzakje, reisdocumenten, vluchtticket, geldriem, bankkaarten en cash geld. Dat is het zowat - maar ik gooi er nog een paar boeken bovenop. Er moet vooral plaats blijven in m’n rugzak voor de vijftig dvds die ik in Hong Kong denk te gaan kopen.

Op reis heb ik altijd gemerkt dat je echt niet veel nodig hebt. Het is onzinnig om je op alle omstandigheden te voorzien, want als je plots iets blijkt nodig te hebben dan koop je dat beter gewoon ter plekke. Meestal veel goedkoper, en je zit zo ook niet met een hoop onnodige spullen rond te zeulen. Op veel plaatsen kan je je was doen, dus veel kleren heb je niet nodig - vis gewoon een wasteil op in je hotelletje en zet je met een handvol zeepvlokken aan het werk. Vaak vind je ook een laundry service die het voor jou doet en daar een beetje geld voor vraagt.

Waar ga je overnachten?
Plaatselijke hotelletjes - van de bus of trein stappen zal altijd een nieuwe zoektocht betekenen waarin ik met de rugzak de stad doorkruis op zoek naar onderdak. Daarbij is de Rough Guide to China handig, waarin steeds een aantal adressen vermeld staan. Ik wil goedkoop onderdak maar daarom nog niet het allergoedkoopste. Ik ben bijvoorbeeld niet van plan me op slaapzalen te installeren om wat geld uit te sparen - een eigen kamer is een minimum-vereiste. In grote steden zullen dat waarschijnlijk vooral miniscule, donkere en vensterloze kamertjes zijn, maar buiten de dure grootsteden denk ik soms wel goede overnachting te vinden voor niet te veel geld.

Hoeveel geld neem je dan mee?
Ik neem 500 euro mee in biljetten van vijftig, maar verwacht vooral m’n bankkaart te kunnen gebruiken om er af en toe wat geld mee uit de muur te halen. Zou moeten werken bij de grootste Chinese banken via Maestro. Indien ik ergens geen geschikte bankterminal vind, kan ik nog altijd terugvallen op m’n euro’s via een Money Changer, om het in de volgende stad weer met m’n bankkaart te proberen. Sowieso wil ik maar enkele keren geld afhalen - maar steeds een voldoende groot bedrag. Moest het nodig blijken heb ik ook nog m’n Visakaart op zak.

Hoeveel kost je reis?
Daarvan heb ik nog geen idee. Ik wil flink wat tijd in Hong Kong doorbrengen, en die stad staat bekend om z’n hoge verblijfskosten. Ik verwacht dus dat ik m’n geld zuinig zal moeten beheren, want ik moet de vijf weken van de volledige reis zien rond te komen met ongeveer 1400 euro. 

Heb ondertussen ook al wat geld gespendeerd - m’n ticket kostte 680 euro voor een vlucht van Zaventem tot Hong Kong via Londen met Air New Zealand, een nieuw reispaspoort kostte 80 euro, voor het Chinese visum betaalde ik 30 euro en vaccinaties kostten me 30 euro. Met die 1400 euro erbij loopt het prijskaartje zo al op tot ongeveer 2200 euro. En dat is flink wat. Op de acht maanden die ik in India en Nepal rondreisde gaf ik minder uit dan wat die vijf weken in China me gaan kosten.

Vaccinaties?
Ik heb m’n Tetanus/Difterie/Polio vaccinatie moeten vernieuwen want dat was alweer een tijd geleden. Zelfde met Buiktyfus. Voor Hepatitis A heb ik na een ziekteperiode in India antilichamen gevormt, dus dat is geen probleem meer. Als anti-malariamiddel neem ik Chloroquine mee - malaria is zeldzaam in de streek waar ik zal gaan rondreizen, maar ik ben liever zeker. Dat de malariaparasieten er nog niet Chloroquine-resistent blijken is alleszins een meevaller, want het is zowat het goedkoopste beschermingsmiddel en van de bijwerkingen heb ik nooit last gehad.

Waar ga je precies heen?
Ik hou veel van Hong Kong-cinema en wil die stad dus zeker een week bezoeken, met een korte oversteek naar Macau. Maar dat hou ik voor ‘t laatst - na m’n landing in Hong Kong zal ik er een tweetal dagen blijven om dan vanuit Shenzhen, een grote stad net over de Chinese grens, te vliegen naar Chengdu. Een vliegticket kost niet veel meer dan een treinticket - maar de trein doet er meer dan 32 uur over terwijl je er met het vliegtuig op twee uurtjes al bent. De enige trein richting Chengdu vertrekt ’s morgens vroeg vanuit Guangzhou en zou dus ook een verplichte overnachting in die drukke metropool betekenen want vanuit Hong Kong kan ik daar nooit op tijd raken. De keuze was dus snel gemaakt - ik vlieg naar Chengdu.

Chengdu ligt zowat pal centraal in China. Het is een miljoenenstad maar zou één van de aangenaamste Chinese grootsteden zijn. Na Chengdu gaan ‘t enkel nog busreizen worden want ik wil via kleinere plaatsen in Sichuan en de weinig bezochte plattelandsstreken in Guizhou op enkele weken tijd zuidelijk afzakken naar Yangshuo, een uiterst populair backpackersplekje dat al lang een plaats veroverd heeft op het internationale Banana Pancake-circuit. De streek rond Yangshuo is dan ook prachtig - overal groene rijstvelden met daartussen dramatisch steil oprijzend karstgebergte. Zo’n luie backpackersoase zal tegen dan wel iets zijn wat ik kan gebruiken, want de lange tocht ernaartoe over het arme platteland wordt weliswaar mooi - maar ook vrij moeilijk, lijkt me. Vanuit Yangshuo zal ik waarschijnlijk rechtstreeks terugkeren met de bus of trein richting Hong Kong - hangt ervan af hoeveel dagen me nog resten want m’n laatste week wil ik in Hong Kong doorbrengen.

Hoe doe je het met de taal?
Dat wordt een probleem - mijn Chinees beperkt zich tot “My Eagle Claw technique is deadlier than your Mantis Fist !” Ik heb een Mandarijns phrasebook op zak en hoop grensverleggend pantomimetheater te brengen. Vooral m’n vegetarisme maakt het moeilijk, naar ‘t schijnt vindt men dat in China maar een bizar concept en is het niet evident uitgelegd te krijgen dat je geen vlees op je bord wilt. Maar ik zie wel.

Nog iets?
Neen - m’n keel is schor en ik moet even gaan liggen.